De post op het Instagramaccount ‘marleenmolly’ bevat beelden van de influencer in kwestie die een auto van het merk aan het wassen is en de volgende tekst:
“De voldoening als je zelf je Cupra wast !
Daar doe je het toch voor
#cuprabelgium
#cupraborn
#theboomingsquad
#advertentie”.
Volgens de klager gaat het hier om misleidende influencer-reclame. Het label Betaald Partnerschap ontbreekt immers en de #reclame of #advertentie staat niet in het begin.
De Jury heeft zowel het betrokken influencerbureau als het betrokken bedrijf om een reactie verzocht.
Het influencerbureau deelde in eerste instantie mee het probleem van de klacht niet te snappen, daar “#advertentie” door de influencer netjes in de hashtags in de captions werd geplaatst. Na verdere toelichting door het Secretariaat deelde het influencerbureau mee dat de influencer onmiddellijk de nodige aanpassingen heeft gedaan.
Het betrokken bedrijf bevestigde dat het influencerbureau en de influencer beide onmiddellijk de nodige stappen hebben ondernomen om de post aan te passen en de nodige tags bovenaan te voorzien.
De Jury heeft er nota van genomen dat de klager verwees naar een post op het Instagramaccount van de betrokken influencer en aanvoerde dat het hier gaat om misleidende influencer-reclame daar enerzijds geen gebruik is gemaakt van de disclosure optie van het platform zelf en anderzijds de vermelding ‘#reclame’ of ‘#advertentie’ niet in het begin staat.
Zij heeft vastgesteld dat de post in kwestie de influencer toont met het product met daarbij de volgende tekst: “De voldoening als je zelf je Cupra wast ! Daar doe je het toch voor #cuprabelgium #cupraborn #theboomingsquad #advertentie”.
Ingevolge het antwoord van het betrokken influencerbureau, heeft de Jury er nota van genomen dat de influencer onmiddellijk de nodige aanpassingen heeft gedaan, wat werd bevestigd door het betrokken bedrijf.
De Jury heeft dit dossier onderzocht in het kader van artikel 7 van de Code van de Internationale Kamer van Koophandel dat bepaalt dat marketingcommunicatie duidelijk als zodanig herkenbaar moet zijn, ongeacht de vorm en het gebruikte medium en dat als een advertentie verschijnt in een medium dat nieuws of redactioneel materiaal bevat, ze zo moet worden voorgesteld dat ze makkelijk herkenbaar is als advertentie, en in het licht van de Aanbevelingen van het Communicatie Centrum inzake influencer marketing.
Zij is van mening dat de betrokken post onvoldoende elementen bevatte opdat zijn commerciële aard gemakkelijk herkenbaar zou zijn voor de gemiddelde consument.
De Jury is derhalve van oordeel dat de betrokken commerciële communicatie niet duidelijk als zodanig herkenbaar was ten aanzien van andere communicaties aanwezig op het account van de influencer.
Zij stelt het op prijs dat deze laatste na ontvangst van de klacht alsnog gebruik heeft gemaakt van de disclosure optie ‘Paid partnership’ van het platform zelf.
Wat echter de vermelding “#advertentie” betreft – die weliswaar wat naar voor werd verschoven maar nog steeds pas in de reeks hashtags aan het einde van de begeleidende tekst staat en niet meteen aan het begin van die tekst –, verwijst de Jury naar punt 6 van de Aanbevelingen van het Communicatie Centrum inzake influencer marketing met betrekking tot de vraag om deze vermelding meteen duidelijk in de post te vermelden, zodat het bij de eerste oogopslag voor consumenten meteen duidelijk is dat er een commerciële relatie is tussen de influencer en het merk.
Gelet op het voorgaande en op basis van voormelde bepalingen, heeft de Jury de adverteerder en de influencer derhalve verzocht om de betrokken commerciële communicatie verder aan te passen in die zin, en bij gebreke daaraan deze niet meer te verspreiden.
Het betrokken influencerbureau heeft bevestigd dat de post verder werd aangepast.
Barastraat 175, 1070, Brussel, Belgie.
E-mail: info@jep.be
Tel: +32 2 502 70 70
💡 Schrijf je in op onze nieuwsbrief en ontvang maandelijks sectornieuws, inzichten en JEP-cases die de grenzen scherpstellen.