De klaagster verwijst naar verschillende posts op het Instagram-account van de voetbalclub met foto’s van jonge spelers in shirts met het logo van de sponsor, een bedrijf dat wijnen en spirits aan horecazaken levert. Een van deze posts bevat de volgende tekst: “Nieuwe opwarmtruitjes voor alle ploegen van KSK Steenbrugge. Dankzij onze sponsor GK Worldwines lopen al onze spelers er voortaan strak en professioneel bij tijdens de opwarming. Een grote dank aan GK World Wines – wijn, champagne & rum – Brugge voor hun steun aan onze club! Bezoek zeker hun website www.gkworldwines.com”.
De klaagster verwijst ook naar twee video’s van wijndegustaties die bepaalde flessen wijn en spirits tonen en promoten.
De klaagster deelt mee dat de sponsor van de voetbalclub regelmatig gepromoot wordt op diens Instagram-account. Zij stelt dat de club voornamelijk bestaat uit jeugdspelers en gevolgd wordt door veel minderjarigen en hun ouders, en vindt het daarom ongepast en in strijd met het Alcoholconvenant dat er reclame voor alcoholische dranken verschijnt op een kanaal dat in belangrijke mate gericht is op jongeren. Bovendien ontbreekt elke waarschuwing dat alcohol schadelijk is voor de gezondheid, en dat het gebruik ervan verboden is voor minderjarigen.
De voetbalclub stelt dat de vermelding van zijn sponsor op sociale media was bedoeld als een blijk van dankbaarheid. Dat de sponsor actief is in de alcoholsector, werd op dat moment niet bewust bekeken vanuit een wettelijk of ethisch standpunt. De focus lag vooral op het ondersteunen van zijn werking en het waarderen van lokale betrokkenheid.
De klacht heeft echter doen inzien dat hij dit aspect beter moet meenemen in de communicatie. Het was niet de bedoeling om foutieve of ongepaste boodschappen te verspreiden. Uit respect voor de regelgeving heeft hij intussen alle verwijderbare verwijzingen naar de sponsor van zijn sociale media gehaald, in afwachting van meer duidelijkheid over wat toegelaten is.
Zijn standpunt is dat deze samenwerking vertrekt vanuit dankbaarheid en gemeenschapszin, niet vanuit promotie van alcoholgebruik. Mocht blijken dat zijn aanpak niet in lijn is met de regels, dan past hij die uiteraard graag aan.
De sponsor wou er nog aan toe te voegen dat er geen reclame werd gemaakt voor alcohol maar voor het bedrijf. Er is uiteraard een verband maar dit is niet hetzelfde.
De Jury heeft het dossier onderzocht, rekening houdend met de argumenten van de betrokken partijen en in het licht van het Convenant inzake reclame voor en marketing van alcoholhoudende dranken (hierna: het Convenant).
Zij heeft kennisgenomen van verschillende posts op het Instagram-account van de voetbalclub.
Vooreerst houdt de Jury eraan te herinneren dat sponsoring van sportploegen buiten het bevoegdheidsdomein van de JEP valt. Instagram posts met de loutere afbeelding van personen met de gesponsorde kleding maken dus geen deel uit van dit dossier.
De Jury is ook van mening dat de post met de vermelding van de naam van de sponsor, een bedrijf dat wijnen en spirits aan horecazaken levert, en de verwijzing naar zijn website geen alcoholreclame uitmaakt in de zin van het Convenant.
Vervolgens heeft de Jury kennisgenomen van twee video’s van wijndegustaties waarin bepaalde flessen wijnen en spirits getoond en gepromoot worden. Zij merkt op dat deze twee posts reclames zijn in de zin van artikel 1.1 van het Convenant en dat zij niet voorzien zijn van de vereiste educatieve slogan.
Zij is dan ook van oordeel dat bovenvermelde video’s een inbreuk maken op artikel 12.1 en punt v van bijlage B van het Alcoholconvenant dat het volgende bepaalt: Voor reclame via digitale media geldt dat alle advertenties dienen voorzien te worden van de educatieve slogan: “Alcoholmisbruik schaadt de gezondheid”. De educatieve slogan moet vermeld worden rekening houdend met alle richtlijnen van Bijlage B (v) van het Convenant.
De Jury noteert dat de voetbalclub alle verwijderbare verwijzingen naar de sponsor van haar sociale media heeft gehaald, in afwachting van meer duidelijkheid over wat toegelaten is.
In dit verband verwijst de Jury, met betrekking tot de verspreiding van alcoholreclame op het Instagram-account van de voetbalclub, naar de artikelen 12.4 en 12.5 van het Convenant. Deze bepalingen schrijven voor dat de door social media platformen voorziene technieken of functies gebruikt moeten worden om te voorkomen dat minderjarigen worden blootgesteld aan reclame voor alcoholhoudende dranken en om te vermijden dat gebruikers de hierop aanwezige reclame voor alcoholhoudende dranken zouden delen met minderjarigen.
Wat de inhoud van alcoholreclame betreft, verwijst de Jury naar de verschillende inhoudelijke bepalingen van het Convenant die eveneens nageleefd moeten worden.
Barastraat 175, 1070, Brussel, Belgie.
E-mail: info@jep.be
Tel: +32 2 502 70 70
💡 Schrijf je in op onze nieuwsbrief en ontvang maandelijks sectornieuws, inzichten en JEP-cases die de grenzen scherpstellen.