Adverteerder / Annonceur: BEL
Product-Dienst / Produit-Service: La Vache qui rit
Media / Média: Internet (site web)
Beschrijving van de reclame / Description de la publicité
Sur le site web de l’annonceur se trouve entre autres le texte suivant :
“La Vache qui rit® Bio
Sans rire, le bio ça a du bon. Des vaches qui rient en pâturages avec une alimentation 100% bio (conformément à la réglementation relative à la production biologique) ; un bon lait bio 100% français ; hummmm…un goût SI FRAIS !”
//////////
Op de website van de adverteerder staat onder meer de volgende vermelding:
“La Vache qui rit® Bio
Serieus, Bio is hartstikke goed. Lachende koeien in de wei met 100% bio diervoeder (conform de regelgeving voor biologische productie) en goede biologische melk 100% frans. MMMM…Zo’n verse smaak!”.
Klacht(en) / Plainte(s)
De klaagster vindt dat er sprake is van een misleidende voorstelling van dierenwelzijn in de reclame-uiting « lachende koeien in de wei met 100% bio diervoeder ». Dit is volgens haar duidelijk de koppeling van een idyllisch beeld aan een ‘productomgeving’ (wei). De werkelijkheid wordt hier duidelijk geweld aangedaan.
De klaagster merkt tevens op dat niet duidelijk wordt vermeld dat melkproductie de noodzaak van regelmatige geboorten van kalveren met zich meebrengt. Zij voegt daaraan toe dat het dierenwelzijnscharter van de adverteerder niet verduidelijkt of de kalveren bij hun moeder mogen blijven en, zo ja, gedurende welke periode.
De klaagster is dan ook van mening dat de adverteerder moet ophouden de algemene indruk te wekken dat biologische melk synoniem zou zijn met gelukkige koeien en kalveren die in de weiden leven onder omstandigheden die bijzonder respectvol zijn voor het dierenwelzijn. Zij kwalificeert deze voorstelling als misleidend.
Beslissing Jury in eerste aanleg: Geen opmerkingen
Décision Jury de première instance: Pas de remarques
Le Jury d’Ethique Publicitaire (JEP) de première instance a pris la décision suivante dans ce dossier.
Le Jury a pris connaissance du site web de l’annonceur qui, sous le titre « La Vache qui rit Bio », mentionne le texte suivant : « Sans rire, le bio ça a du bon. Des vaches qui rient en pâturages avec une alimentation 100% bio (conformément à la réglementation relative à la production biologique) ; un bon lait bio 100% français ; hummmm…un goût SI FRAIS ! ».
Suite à la réponse de l’annonceur, le Jury prend note du fait que cette publicité visait à illustrer certaines caractéristiques de l’agriculture biologique, notamment l’accès à l’air libre et une alimentation conforme aux règles de la production biologique, et non à affirmer que les animaux vivent exclusivement en pâturages, ni à donner un aperçu exhaustif de tous les aspects de l’exploitation laitière. Le Jury note également que l’annonceur s’engage depuis 2019 à améliorer en permanence le bien-être animal par le biais d’une charte spécifique signée par Compassion in World Farming (CIWF). Enfin, le Jury prend également acte du fait que, cette référence n’étant plus d’actualité, l’annonceur a décidé de supprimer la page de présentation du produit concerné de son site web.
Le Jury est d’avis que l’expression « des vaches qui rient », dans le contexte utilisé, fait clairement référence à la marque « La Vache qui rit » et n’est pas de nature à présenter l’agriculture biologique de manière réaliste. Le Jury est également d’avis que la publicité ne prétend pas que la production laitière ne s’accompagne pas de certaines pratiques, telles que le fait de faire vêler régulièrement les vaches afin de maintenir la production de lait.
Le Jury estime donc que cette publicité n’induit pas le consommateur moyen en erreur au sens des articles 4 et 5 du Code de la Chambre de Commerce Internationale.
A défaut d’infractions aux dispositions légales ou autodisciplinaires, le Jury estime n’avoir pas de remarques à formuler sur ce point.
Veuillez noter que cette décision ne devient définitive qu’après l’expiration du délai d’appel.
//////////
De Jury voor Ethische Praktijken inzake reclame (JEP) in eerste aanleg heeft de volgende beslissing genomen in dit dossier.
De Jury neemt kennis van de website van de adverteerder, die onder de titel “La Vache qui rit Bio” de volgende tekst vermeldt: “Serieus, Bio is hartstikke goed. Lachende koeien in de wei met 100% bio diervoeder (conform de regelgeving voor biologische productie) en goede biologische melk 100% frans. MMMM…Zo’n verse smaak”.
Ingevolge het antwoord van de adverteerder, neemt de Jury er nota van dat deze reclame bedoeld was om bepaalde kenmerken van de biologische landbouw te illustreren, met name de toegang tot de buitenlucht en de voeding die voldoet aan de voorschriften voor biologische productie, en niet om te beweren dat dieren uitsluitend in de wei leven, noch om een volledig overzicht te geven van alle aspecten van de melkveehouderij. De Jury noteert tevens dat de adverteerder zich sinds 2019 inzet voor een voortdurende verbetering van het dierenwelzijn via een speciaal charter ondertekend door Compassion in World Farming (CIWF). Tenslotte neemt de Jury ook kennis van het feit dat, aangezien deze referentie niet langer actueel is, de adverteerder heeft besloten de betreffende productpresentatiepagina van zijn website te verwijderen.
De Jury is van mening dat de uitdrukking “lachende koeien” in de gebruikte context duidelijk verwijst naar de merknaam “La Vache qui rit” en niet van dien aard is om de biologische landbouw op realistische wijze voor te stellen. De Jury is ook van mening dat de reclame niet beweert dat melkproductie niet gepaard gaat met bepaalde praktijken, zoals het regelmatig laten baren van koeien om de melkproductie in stand te houden.
De Jury oordeelt derhalve dat deze reclame de gemiddelde consument niet misleidt in de zin van de artikelen 4 en 5 van de Code van de Internationale Kamer van Koophandel.
Bij gebreke aan inbreuken op wettelijke of zelfdisciplinaire bepalingen, heeft de Jury derhalve gemeend geen opmerkingen te moeten formuleren op dit punt.
Gelieve er nota van te nemen dat deze beslissing pas definitief wordt na het verstrijken van de termijn voor het instellen van hoger beroep.