De affiche bevat onder andere de tekst “Pour ceux qui ont deux mains gauches. #Fail better” en toont een Ethias-personage met verwondingen aan het hoofd en een nekbrace.
De klaagster haalde aan dat linkshandigen 10 tot 14% van de bevolking uitmaken en dat het cliché van de onhandige linkshandige, net als andere vooroordelen, moet verdwijnen. Volgens haar zijn dit overwegingen die teruggaan tot de Oudheid en vandaag de dag geen waarde meer hebben. Als linkshandige vindt ze de reclame aanstootgevend en vraagt ze zich af wat een linkshandig kind moet begrijpen als ze het ziet.
De adverteerder betreurt oprecht dat hij de klaagster met deze uiting heeft beledigd, hij wilde natuurlijk geen enkele minderheid stigmatiseren door middel van deze reclamecampagne. Bovenal wil hij zijn verzekeringen in duidelijke en toegankelijke taal aanbieden, zodat iedereen zich kan identificeren en het belang van zijn verzekeringsdekking kan meten.
In al zijn campagnes besteedt hij bijzondere aandacht aan de woordkeuze. In dit geval is de uitdrukking 'twee linkerhanden hebben' volgens hem dagelijks taalgebruik om onhandigheid op te roepen. Hij richtte zich met deze reclame dus op geen enkele manier op linkshandigen. Niettemin zal hij rekening houden met de opmerking en in de toekomst zal hij vermijden deze uitdrukking te herhalen die mogelijk aanstootgevend was.
De Jury heeft kennisgenomen van de reclame en de klacht die hierop betrekking heeft.
Zij heeft er nota van genomen dat de affiche in kwestie onder andere de tekst “Pour ceux qui ont deux mains gauches.. #Fail Better” bevat en een Ethias-personage toont met verwondingen aan het gezicht en een nekbrace.
Zij heeft er ingevolge het antwoord van de adverteerder nota van genomen dat het geenszins zijn bedoeling was om linkshandigen te stigmatiseren, naar wie hij zich met deze uiting niet richtte, maar dat de adverteerder zou vermijden de uiting te herhalen omdat deze mogelijk aanstootgevend was.
De Jury is van mening dat de in het Frans gebruikte uitdrukking vandaag de dag nog steeds deel uitmaakt van het dagelijks taalgebruik en dat het gebruik ervan in de betrokken reclame louter tot doel had eenieder aan te spreken die onhandig is en, meer in het algemeen, eenieder die geïnteresseerd is in de verzekeringsproducten van de adverteerder.
Rekening houdend met wat voorafgaat is de Jury derhalve van oordeel dat de reclame in kwestie niet van aard is om door de gemiddelde consument als discriminerend of kleinerend te worden opgevat.
Bij gebreke aan inbreuken op wettelijke of zelfdisciplinaire bepalingen, heeft de Jury derhalve gemeend geen opmerkingen te moeten formuleren op dit punt.
Aangezien geen hoger beroep werd ingesteld, werd dit dossier afgesloten.
Barastraat 175, 1070, Brussel, Belgie.
E-mail: info@jep.be
Tel: +32 2 502 70 70
💡 Schrijf je in op onze nieuwsbrief en ontvang maandelijks sectornieuws, inzichten en JEP-cases die de grenzen scherpstellen.