Telenet 05-02-2019: Geen opmerkingen

Adverteerder / Annonceur: TELENET

Product-Dienst / Produit-Service: Internet + Telenet TV + Mobiel

Media / Média: Radio

 

Beschrijving van de reclame / Description de la publicité

De radiospot gaat als volgt.
Vrouw: “De goeie flow bij een nieuwe baby. 4 uur ’s nachts, fleske geven en serie kijken. 8 uur ’s morgens, fleske geven en Facebook checken. 12 uur ’s middags, fleske geven, vriendin bellen en samen eens een goei fleske opendoen.”
VO: “Internet, Telenet TV en mobiel en ziezo een goeie flow. Nu 3 maanden lang voor maar 50€ per maand. Voorwaarden op telenet.be. Telenet, go with the good flow.”

Klacht(en) / Plainte(s)

De klaagster deelde mee dat de spot gaat over hoe er elke 4 uur een flesje wordt gegeven aan vermoedelijk een pasgeborene. Volgens haar is dit in strijd met de WHO-conventie ter bescherming van borstvoeding die ook in België geldig is. Volgens deze conventie is elke reclame voor kunstvoeding en voor hulpmiddelen om dit toe te dienen verboden voor kinderen jonger dan 6 maanden. Volgens de klaagster is het allicht ludiek bedoeld, maar geeft dit een “normalisatie” van het voeden van kunstvoeding in een schema (elke 4 uur) in plaats van de normale situatie bij een pasgeborene, namelijk borstvoeding op verzoek.

Beslissing Jury in eerste aanleg: Geen opmerkingen
Décision Jury de première instance: Pas de remarques

De Jury voor Ethische Praktijken inzake reclame (JEP) in eerste aanleg heeft de volgende beslissing genomen in dit dossier.

De Jury heeft kennisgenomen van de radiospot in kwestie en van de klacht dienaangaande.

Zij heeft vastgesteld dat de spot een moeder aan het woord laat die drie activiteiten aangeeft die zij op verschillende tijdstippen met behulp van de producten van de adverteerder kan uitoefenen tijdens het voeden van haar baby.

Volgens de Jury beoogt deze opeenvolging van activiteiten slechts om het specifieke drieledige aanbod van de betrokken telecomoperator te illustreren (internet, tv en mobiel), zonder dat dit geacht kan worden een statement vanwege de adverteerder inzake borstvoeding in te houden.

De Jury is van mening dat het hier niet gaat om reclame voor zuigelingenvoeding en dat de desbetreffende specifieke regelgeving inzake reclame derhalve geen toepassing vindt op deze reclamespot.

De Jury is ook van mening dat de reclame zich geenszins negatief uitspreekt over borstvoeding en evenmin van aard is om consumenten te ontraden borstvoeding op verzoek te geven.

Zij is derhalve van oordeel dat de spot niet getuigt van een gebrek aan een behoorlijk maatschappelijk verantwoordelijkheidsbesef in hoofde van de adverteerder op dit punt.

De Jury heeft derhalve gemeend geen opmerkingen te moeten formuleren op dit punt en heeft de klacht ongegrond verklaard.

Gelieve er nota van te nemen dat deze beslissing pas definitief wordt na het verstrijken van de termijn voor het instellen van hoger beroep.