Handelsgids 09-01-2019: Beslissing tot wijziging/stopzetting

Adverteerder / Annonceur: HANDELSGIDS.BE

Product-Dienst / Produit-Service: Handelsgids.be eindejaarsactie

Media / Média: Andere (folder)

 

Beschrijving van de reclame / Description de la publicité

De flyer toont links het bovenlichaam en hoofd van een vrouw die een rode bh met een witte pluchen rand en een kerstmuts draagt. Onderaan de flyer is een strook met kerstversiering (kerstballen, kerstboompjes, dennenappels) op een sneeuwtapijt. Daarbij onder meer de tekst: “Doe mee met deze fantastische eindejaarsactie”.

Klacht(en) / Plainte(s)

De klaagster deelde mee er niet vrolijk van te worden dat schaarsgeklede vrouwen ge-/misbruikt worden om aandacht te trekken. Ze begrijpt reclames voor lingerie. Dit is puur het misbruiken van naakt om aandacht te trekken en draagt in haar opinie niets bij tot het brengen van een eindejaarsboodschap.

Beslissing Jury in eerste aanleg: Beslissing tot wijziging/stopzetting
Décision Jury de première instance: Décision de modification/arrêt

De Jury voor Ethische Praktijken inzake reclame (JEP) in eerste aanleg heeft de volgende beslissing genomen in dit dossier.

De Jury heeft kennisgenomen van de reclame in kwestie en van de klacht die daarop betrekking heeft.

De Jury heeft vastgesteld dat de flyer het bovenlichaam en hoofd van een vrouw die een rode bh met een witte pluchen rand en een kerstmuts draagt toont met daarbij onder meer de tekst: “Doe mee met deze fantastische eindejaarsactie”.

De Jury is van mening dat het gebruik van deze afbeelding van een schaarsgeklede vrouw misplaatst is om een commerciële boodschap over te brengen betreffende de betrokken dienst – een handelsgids – die geen verband vertoont met het lichaam van de vrouw en dat de reclame op deze manier de vrouw tot een object herleidt.

Dat de reclame verwijst naar de eindejaarsperiode, komt de Jury met name onvoldoende voor om aannemelijk te maken dat de reclame aldus een verband legt tussen de afbeelding en de gepromote dienst dat het gebruik van de kwestieuze afbeelding zou verrechtvaardigen.

Rekening houdend met de manier waarop de vrouw in casu afgebeeld wordt, is de Jury derhalve van oordeel dat de reclame de menselijke waardigheid van de vrouw aantast.

Op basis van artikel 4, alinea 1 van de Code van de Internationale Kamer van Koophandel en punten 2 en 3 van de JEP-regels inzake de afbeelding van de mens, heeft de Jury de adverteerder derhalve verzocht om de reclame te wijzigen, en bij gebreke daaraan de reclame niet meer te verspreiden.

Gelieve er nota van te nemen dat deze beslissing pas definitief wordt na het verstrijken van de termijn voor het instellen van hoger beroep.