ZEEMAN - 13/11/2018

Adverteerder: 
ZEEMAN
Product/Dienst: 
Kleding
Media: 
TV
Onderzoekscriteria: 
Afbeelding van de mens/ menselijke waardigheid
Initiatief: 
Consument
Categorie: 
Textiel/kleding
Type beslissing: 
Geen opmerkingen
Datum afsluiting: 
dinsdag, 13 november 2018
Beschrijving van de reclame

De spot toont verschillende kledingstukken en laat er elke keer de prijs van zien.
Voice-over: « Être soi-même, il n’y a que chez soi qu’on l’est réellement. Nous confectionnons plein de vêtements confortables pour vous sentir vraiment vous-même. Comme cette tenue d’intérieur toute douce ou notre pantalon de jogging. Être soi-même au prix le plus bas. »
De spot toont achtereenvolgens een vrouw en haar kinderen die lachen omdat zij een scheet laat, een meisje dat in haar neus peutert, een vrouw in ondergoed die zich epileert, een man die op een zetel ligt te spelen met een baby, een vrouw die borstvoeding geeft liggend op een bed. Men ziet vervolgens een man op een zetel met een hoofdtelefoon en een gamepad die met zijn hand in zijn joggingbroek gaat en tot slot een vrouw die in haar badkamer danst in een body.

Motivering van de klacht(en)

De klager reageerde met betrekking tot het feit dat de reclame een man toont die zijn hand in zijn joggingbroek steekt ter hoogte van het kruis.

Standpunt van de adverteerder

De Jury heeft deze reclame onderzocht op basis van de artikels 4 en 6 van haar reglement (zie www.jep.be, rubriek “Extra info – Juryreglement”) die voorzien dat in geval van onontvankelijkheid, manifeste inbreuken of manifest gebrek aan inbreuken, de adverteerder niet wordt uitgenodigd zijn standpunt over te maken.

Jurybeslissing

De Jury heeft vastgesteld dat de Tv-spot, ter promotie van comfortabele kledij en ter illustratie van de voice-over “Être soi-même, il n’y a que chez soi qu’on l’est réellement”, verschillende personen toont tijdens intieme momenten van het dagelijks leven. Men ziet met name een man op een zetel die met zijn hand in zijn joggingbroek gaat.

Volgens de Jury is de handeling van de man in kwestie, die een verband vertoont met het thema van de spot, niet misplaatst.

Rekening houdend met de huidige maatschappelijke context is de Jury van mening dat de Tv-spot geen visueel element bevat dat indruist tegen de geldende fatsoensnormen.

Zij is eveneens van mening dat de getoonde beelden, waaronder het beeld dat geviseerd wordt door de klager, niet van aard zijn om de menselijke waardigheid aan te tasten.

In het algemeen is de Jury derhalve van oordeel dat de reclame niet in strijd is met de JEP-Regels inzake de afbeelding van de mens.

Bij gebreke aan inbreuken op wettelijke of zelfdisciplinaire bepalingen, heeft de Jury derhalve gemeend geen opmerkingen te moeten formuleren op deze punten.

Gevolg

Aangezien geen hoger beroep werd ingesteld, werd dit dossier afgesloten.