VRT - 28/03/2017

Adverteerder: 
VRT
Product/Dienst: 
Studio Brussel
Media: 
Internet
Onderzoekscriteria: 
Sociale verantwoordelijkheid
Afbeelding van de mens/ menselijke waardigheid
Initiatief: 
Consument
Categorie: 
Cultuur en uitgeverij
Type beslissing: 
Andere
Datum afsluiting: 
dinsdag, 28 maart 2017
Beschrijving van de reclame

Op de Facebookpagina van Studio Brussel toont een post een jonge vrouw voor een bed. Zij houdt met beide handen een jeansbroek open en kijkt naar een enorm stuk steak dat eruit komt. Daarnaast de volgende tekst: “Vergeet Dagen Zonder Vlees voor één dag, want 14 maart = Steak & Blowjob Day. Geniet ervan, jongens!”.

Motivering van de klacht(en)

De klager deelde mee dat deze post vergezeld van deze afbeelding een degraderend en seksistisch beeld van de vrouw en de man geeft. Als luisteraar van deze radiozender vindt hij dat deze zin voor humor misplaatst, respectloos en vrouwenhatend is.

Hij begrijpt dat het niet om een reclame voor een bepaald product als dusdanig gaat maar wel om een element van communicatie van het radiostation Studio Brussel dat gesubsidieerd wordt door de overheid. Hij heeft niets tegen de promotie van complexloze of libertijnse seksuele praktijken maar vraagt zich af of het de rol van een radiostation is om dit op deze wijze te doen.

De klager is bezorgd over het formuleren ten aanzien van het jeugdige publiek – voor een goed deel bestaande uit adolescenten die zich vaak slecht in hun vel voelen – van een dergelijke boodschap die eens te meer een beeld van de vrouw geeft als een object onderworpen aan de seksuele verlangens van de man. Dit soort van montage lijkt hem werkelijk respectloos voor de vrouw en de man. Het is choquerend en des te onzinniger daar hij het verband niet ziet tussen de datum van 14 maart en de “Steak & Blowjob Day”.

Hij ziet evenmin in welke mate dit soort post/foto bijdraagt aan de culturele en educatieve missie van Studio Brussel.

Standpunt van de adverteerder

De betrokken onderneming was van oordeel dat de klacht onontvankelijk is aangezien zij geen betrekking heeft op enige reclame- of marketinguiting, maar op het media-aanbod van VRT.

Volgens hem geeft de klager zelf reeds aan dat dit geen reclame-uiting is voor een product, maar spreekt hij over “een element van communicatie van het radiostation Studio Brussel dat gesubsidieerd wordt door de overheid”. De klager stelt ook dat hij niet inziet hoe deze post/foto “bijdraagt aan de culturele en educatieve missie van Studio Brussel”.

De betrokken onderneming verwees in dit verband vooreerst naar de bevoegdheidsomschrijving van de JEP en naar in zelfregulerende codes en wetgeving gehanteerde omschrijvingen van de begrippen reclame en marketingcommunicatie.

Zij haalde vervolgens aan een mediabedrijf te zijn, dat zijn aanbod via radio, televisie en diverse online/mobiele platformen aanbiedt, waaronder ook sociale media (zie o.a. SD 5.1 beheersovereenkomst VRT-Vlaamse overheid m.b.t. de periode 2016-2020).

De Facebookpost waar de klager zich over beklaagt is dan ook geen reclame noch marketingcommunicatie, maar maakt deel uit van het aanbod van Studio Brussel.

De Facebookstroom loopt parallel met de radio-uitzendingen van Studio Brussel en is geen reclamekanaal, maar een alternatief kanaal waarmee Studio Brussel als radiomerk communiceert met zijn luisteraars en dat ook interactiviteit met de luisteraar toelaat. Deze posts gaan uit van de webredacteurs en worden dus niet gemaakt door marketeers of reclamemakers. De thematiek van dagen zonder vlees was trouwens ook een voorwerp van gesprek op het lineaire radiokanaal van Studio Brussel.

De klager lijkt zich ook bewust van dit gegeven aangezien hij tegelijkertijd aanklaagt dat een dergelijke post/foto zijns inziens niet beantwoordt aan de publieke opdracht van VRT. Met andere woorden, hij geeft hiermee impliciet aan dat hij dit als behorende tot het publieke omroepaanbod beschouwt.

De betrokken onderneming heeft begrip voor het feit dat niet iedereen dit soort van humoristisch media-aanbod kan smaken, en betreurt uiteraard dat de klager aanstoot neemt hieraan.

De JEP is volgens haar echter niet het forum om het aanbod van VRT aan te klagen. De JEP is immers het zelfregulerend orgaan van de reclamesector, en is geenszins opgericht om het media-aanbod van mediabedrijven te superviseren.

Volgens de betrokken onderneming valt de klacht dan ook buiten het bevoegdheidsdomein van de JEP.

Jurybeslissing

De Jury heeft kennis genomen van de Facebookpagina van de betrokken radiozender en van de specifieke post waarnaar de klager verwijst. Zij heeft onder meer vastgesteld dat in de post in kwestie niet naar een product of een dienst van de betrokken zender wordt verwezen, maar wordt ingespeeld op de actualiteit.

Zij heeft tevens nota genomen van het antwoord van de adverteerder volgens hetwelk de posts op zijn Facebookpagina uitgaan van webredacteurs en deel uitmaken van het media-aanbod van de zender.

Gelet op het voorgaande is de Jury van oordeel dat het in casu niet gaat om reclame-inhoud ten voordele van de betrokken zender, maar wel om via diens sociale mediakanaal verspreide redactionele inhoud.

Aangezien de bevoegdheid van de Jury zich niet uitstrekt tot redactionele inhoud, heeft zij zich derhalve onbevoegd verklaard in dit dossier.

Gevolg

Aangezien geen hoger beroep werd ingesteld, werd dit dossier afgesloten.