TELENET - 13/04/2016

Adverteerder: 
TELENET
Product/Dienst: 
Telenet Play
Media: 
Andere media
Onderzoekscriteria: 
Eerlijkheid
Waarachtigheid
Sociale verantwoordelijkheid
Initiatief: 
Consument
Categorie: 
Informatica en telecom
Type beslissing: 
Geen opmerkingen
Datum afsluiting: 
woensdag, 13 april 2016
Beschrijving van de reclame

Het geadresseerde schrijven bevat een brief en een brochure.

De voorzijde van de brief bevat links bovenaan een logo “Video City” met rechts daarvan een logo “VHS” en “HERINNERING”.

Daaronder bijvoorbeeld de volgende tekst (er bestaan verschillende versies van de brief die verwijzen naar verschillende films):

“Geachte (…),

Bij het opmaken van onze inventaris bleek volgende film nog in uw bezit te zijn:
Back to the Future – ontleend op 25 februari 1986
(in een kader) De achterstallige huur zou vandaag bedragen:
140.400 oude Belgische Franken
(zijnde 1.560 weken x 90 BEF).

Gelieve ons de cassette onmiddellijk terug te bezorgen. Ik verzoek u tevens ze helemaal terug te spoelen. Zoniet zien wij ons genoodzaakt een supplement ten belope van 50 frank aan te rekenen.

Mocht u toevallig net in de afgelopen 1.560 weken de film hebben teruggebracht, dan mag u deze herinnering uiteraard als niet verzonden beschouwen.

Gezien uw onvoorwaardelijke klantentrouw van vele jaren, zal ik volgaarne het integrale achterstallige huurgeld kwijtschelden.

(in het vet) Goede raad om soortgelijke aanmaningen in de toekomst te vermijden, vindt u op de keerzijde van deze brief.

Vriendelijke groeten en nog ’s bedankt voor ’t komen,

Van Geenechte Ronny
Zaakvoerder Video City”.

Daaronder een overschrijvingsformulier met volgende informatie ingevuld:

Gewenste uitvoeringsdatum in de toekomst: JUNIET2016
Bedrag in Belgische frankskes: ******,**
Rekening plezantste thuis (IBAN): BEterPlayinhuishalen
BIC Begunstigde: BALPEN
Naam en adres begunstigde: VAN GEENECHTE RONNY

                                                  Nergenslaan 12

                                                  1234 Nieveranst

Mededeling: Leesvooraldeachterkantvandezebrief

Op de achterzijde van de brief, in de vormgeving van de bijgevoegde brochure en met het Telenet-logo, staat onder meer te lezen:
“Back to the past met de videotheek.
Vollenbak vooruit met Play!
Een film huren… hoe ging dat vroeger ook alweer? Vroeger moest je naar de videotheek om een filmpje uit te kiezen. Vandaag kies je er zoveel je wil, gewoon vanuit je zetel met Play, het extra pakket bij je digitale tv. Daarmee bekijk je films en series zo vaak en lang je wil.”.

De envelop bevat tevens een brochure over het product met als titel “Vollenbak vooruit met Play!”.

Motivering van de klacht(en)

1) De klager vindt dit een smakeloze grap. Met pseudo-officiële documenten klanten aansporen tot het aankopen van een duurder abonnement vindt hij laag-bij-de-grondse reclame.

2) Volgens de klager is dit geen reclame maar een dreigbrief en is dit voor veel mensen misleidend.

3) Volgens de klager getuigt de reclame van een misplaatste humor. Bij het openen van de brief leek die heel realistisch en is het echt verschieten. Bij het ontdekken dat het om een “grap” gaat, bleef toch een wrang gevoel achter.

4) De klager vindt deze reclame uiterst beledigend en is er bovendien van overtuigd dat er mensen zullen zijn die uit onterechte angst voor hoge boetes zullen intekenen op 'Play'. Hij denkt hierbij voornamelijk aan bejaarden.
Hij vermoedt dat dergelijke agressieve en beledigende reclame in strijd is met de ethische code.

5) Volgens de klager betreft de valse beschuldiging in de brief pure laster en eerroof. Als reclamestunt vindt hij het van zeer laag niveau.

Standpunt van de adverteerder

De adverteerder deelde mee dat deze reclamebrief, die kadert binnen de ‘Vollenbak Vooruit’-actie, toont hoe zijn aanbod de laatste decennia erg snel evolueerde. Via een ludieke herinneringsbrief wordt op humoristische wijze geïllustreerd hoe het uitlenen van een film door de jaren heen is geëvolueerd: in de jaren ’80 moest de kijker zich nog tot een fysieke videotheek wenden om een VHS-cassette op te halen en terug te brengen en liep hij op de koop toe nog het risico om achterstallige huur te moeten betalen bij het laattijdig terugbrengen van deze cassette. Dankzij het Play-abonnement van Telenet, waarvoor op de achterzijde van de herinneringsbrief promotie wordt gemaakt, is dit alles nu verleden tijd.

Uit de klachten blijkt dat de klagers aanstoot nemen aan het feit dat Telenet bij wijze van reclamestunt een oude toestand tracht na te bootsen via een fictieve herinneringsbrief voor het laattijdig binnenbrengen van een VHS-cassette.

Hoewel hij de visie van deze klagers betreurt, is de adverteerder de mening toegedaan dat deze reclame geen enkele dwingende wettelijke of zelfregulerende bepaling schendt.

Vanaf de eerste blik valt immers op dat deze reclamebrief op een humoristische wijze moet worden opgevat.

Alleen al het archaïsch taalgebruik, de ouderwetse opmaak van de brief en logo van de fictieve videotheek geven vanaf het begin duidelijk de humoristische inslag van de reclamebrief aan.

Daarnaast zit de brief vol duidelijk humoristische kwinkslagen.

De gemiddelde ontvanger van deze reclamebrief kan dus onmogelijk stellen dat de humoristische inslag ervan hem/haar niet duidelijk was.

Uit de brief blijkt ook duidelijk dat de klant niets verschuldigd is aan de fictieve videotheek.

De brief vermeldt eerst “de achterstallige huur zou vandaag bedragen”. Deze zin betreft dus een hypothese.

Verder in de brief wordt gesteld “gezien uw onvoorwaardelijke klantentrouw van vele jaren, zal ik volgaarne het integrale achterstallige huurgeld kwijtschelden”.

Nergens op de brief staan contactgegevens of betalingsgegevens, men kan dus onmogelijk tot een betaling overgaan.

Tenslotte vermeldt het overschrijvingsformulier onderaan de reclamebrief bij het te betalen bedrag “*******”, hetgeen er op wijst dat de klant niets hoeft te betalen. Uit het voorgaande blijkt dus duidelijk dat de fictieve videotheek geen enkel bedrag vorderde van de klant.

Deze brief kan dan ook geen gegronde vrees opwekken in hoofde van de gemiddelde consument. Gezien de manifest humoristische inslag en de duiding aan de achterzijde van de reclamebrief kan deze brief niet als oneerlijk of niet oprecht worden aanzien en kan hij evenmin het vertrouwen schenden of een potentieel gebrek aan ervaring of kennis in hoofde van de gemiddelde consument uitbuiten.

Bij het openen van de omslag, kreeg de klant daarnaast zowel de ludieke herinneringsbrief als een reclameboekje over het Telenet Play-aanbod te zien.

Telenet probeerde op geen enkel moment het promotioneel karakter van de reclamebrief te verhullen. Uit de inhoud van de reclamebrief bleek duidelijk dat het om humoristische reclame ging en werd herhaaldelijk verwezen naar de achterzijde van de brief waar effectief promotie werd gemaakt voor het Play-abonnement. Bij het openen van de omslag merkt de consument ook onmiddellijk de promofolder voor het Play-aanbod als bijlage bij de reclamebrief.

Van bij het openen van de omslag, was het dus duidelijk dat de reclamebrief en haar bijlage promotionele documenten betroffen. Hier kon in hoofde van de gemiddelde consument geen twijfel over bestaan.

De identiteit en contactgegevens van Telenet als adverteerder waren eveneens duidelijk kenbaar gemaakt.

Er bestond bovendien een duidelijke band tussen de boodschap die de reclame wil brengen en de fictieve herinneringsbrief.

Jurybeslissing

De Jury heeft kennis genomen van de inhoud van het geadresseerde schrijven.

Zij is van mening dat het ware karakter van de fictieve aanmaningsbrief op de voorzijde reeds aan de hand van diverse vermeldingen in de tekst en in het fictieve vooraf ingevulde overschrijvingsformulier voldoende duidelijk wordt gemaakt.

Bovendien blijken zowel de identiteit van de adverteerder als het publicitaire karakter van zijn schrijven ten overvloede duidelijk uit de tekst op de achterzijde van de brief en de toegevoegde brochure met betrekking tot het aangeprezen product.

Zij is van mening dat de adverteerder aldus zijn publicitair opzet voldoende duidelijk maakt en dat de reclame derhalve bij de gemiddelde consument niet de indruk zal wekken dat deze daadwerkelijk een enorme boete verschuldigd is of hem ertoe zal aanzetten om zich op het product te abonneren om een dergelijke boete te vermijden.

Gelet op het voorgaande is de Jury van oordeel dat de reclame niet van aard is om ten aanzien van de gemiddelde consument misleidend over te komen of te getuigen van een gebrek aan behoorlijk maatschappelijk verantwoordelijkheidsbesef.

Bij gebreke aan inbreuken op wettelijke of zelfdisciplinaire bepalingen, heeft de Jury derhalve gemeend geen opmerkingen te moeten formuleren op deze punten.

Gevolg

Aangezien geen hoger beroep werd ingesteld, werd dit dossier afgesloten.