PROXIMUS – DPG MEDIA - 30/06/2020

Adverteerder: 
PROXIMUS – DPG MEDIA
Product/Dienst: 
5G
Media: 
Internet
Onderzoekscriteria: 
Eerlijkheid
Waarachtigheid
Andere
Initiatief: 
Consument
Categorie: 
Informatica en telecom
Type beslissing: 
Geen opmerkingen
Datum afsluiting: 
dinsdag, 30 juni 2020
Beschrijving van de reclame

De kleine advertentie bevat de foto van een man voor zijn computer met zijn smartphone, met “Proximus” in een blauw kadertje links onderaan op de foto.
Daaronder de tekst “Na de paniek rond 5G: experts ontkrachten doemverhalen” en rechts onderaan in het grijs “Gesponsord”.

De volledige advertentie met als titel “Schaadt 5G echt onze gezondheid? Expert: “Geen reden tot paniek”” vermeldt “Aangeboden door Proximus” en “Gesponsorde inhoud” en laat een dokter die wetenschappelijk medewerker aan een universiteit is aan het woord.

Motivering van de klacht(en)

De klaagster haalde aan dat Proximus reclame maakt op HLN voor zijn 5G-product. Volgens haar wordt er, gelijkend op een HLN content artikel, beweerd dat er geen gezondheidsbezwaren zijn, en ze vindt dit totaal onethisch en misleidend van zowel HLN als Proximus. 

Standpunt van de adverteerder

De Jury heeft zowel het betrokken bedrijf Proximus als het betrokken medium DPG Media om een reactie verzocht.

Het bedrijf Proximus deelde het volgende mee met betrekking tot de twee punten van de klacht.

Wat betreft het eerste punt dat de reclame zou voorgesteld worden als een nieuwsartikel van HLN in plaats van reclame:
Er staat rechts onderaan de reclame duidelijk aangegeven dat het gaat om een “gesponsord” artikel. Bovendien staat er links in het midden in het blauw “Proximus” aangegeven, om duidelijk te maken van wie het gesponsord artikel uit gaat. Tot slot wordt er gewerkt met een banner, daar waar de echte artikels in blokjes worden weergegeven. De zeer verschillende lay-out en de vermelding dat het om een “gesponsord” artikel van “Proximus” gaat, maakt dus volgens de adverteerder duidelijk dat het om reclame gaat en niet om een gewoon nieuwsartikel. Dit is al vele jaren een zeer gangbare praktijk welke door de gemiddelde consument wordt herkend. Getuige hiervan is dat de klaagster zelf opmerkte dat het om reclame gaat en duidelijk dus niet werd misleid.

Wat betreft het tweede punt dat Proximus zou misleiden omtrent gezondheidsbezwaren in de context van 5G:
De adverteerder heeft begrip voor oprechte vormen van bezorgdheid die zouden kunnen bestaan bij sommige burgers omtrent de uitrol van 5G. Er dient te worden vastgesteld dat er heel wat foute informatie circuleert over 5G. Net daarom ambieert de adverteerder via een heldere en transparante communicatie, zowel op zijn eigen als op externe kanalen, het grote publiek van correcte informatie te voorzien. De betreffende reclame maakt deel uit van deze aanpak. Hij is van mening dat de inhoud van de reclame niet misleidend is. Hij laat enkel en alleen experts aan het woord, zonder die experts te sturen in de ene dan wel de andere richting. Het enige wat hij dus doet is deze experts via de reclame een platform geven om hun mening te uiten. Deze experts doen dat overigens niet alleen via de reclame van Proximus, maar ook via andere media en hij verwees naar een artikel van VRT-nieuws, waar experts ook doemscenario’s tegenspreken.

De adverteerder deelde ter verduidelijking waarom de titel van de kleine advertentie en deze van de volledige advertentie van elkaar verschillen nog mee dat hij de inhoud van het artikel goedgekeurd heeft maar dat de banners en titels evenwel door DPG Media beheerd worden.

DPG Media verwees naar de Code over herkenbaarheid van native advertising en aanverwante commerciële communicatie van het Communicatie Centrum en naar de criteria die kunnen worden toegepast bij de beoordeling van de herkenbaarheid van concrete native advertising-uitingen. Deze criteria kunnen volgens de code betrekking hebben op (audio)visuele dan wel inhoudelijke kenmerken van de advertentie, en ook bv. op het gebruik van labels.
Het medium deelde mee dat in dit geval beide methodes gehanteerd werden. Bij het bekijken van de advertentie die men ziet vóór men op de link klikt om de volledige advertentie te zien, staat duidelijk “Proximus” vermeld. Bij redactionele artikelen daarentegen staat op de plaats waar “Proximus” te lezen valt ofwel niets (meestal), ofwel hoogstens bv. “Royalty” of “Showbizz”. Bovendien vermeldt de advertentie het label “Gesponsord”, en dit ook vóór men erop klikt.
Het medium meent dan ook dat deze reclame niet misleidend is voor de gemiddelde consument.
Evenmin ziet het medium in in welk opzicht de advertentie onethisch zou zijn. In elk geval is er niets onwettigs aan, en is ze niet strijdig met de openbare orde of de goede zeden. Als medium wenst het zich bovendien niet te mengen in de commerciële en strategische keuzes die Proximus als adverteerder maakt bij het promoten van 5G.

Jurybeslissing

De Jury heeft dit dossier onderzocht rekening houdend met de argumenten van de betrokken partijen.

De Jury heeft vooreerst vastgesteld dat de kleine advertentie die men ziet vóór men op de link klikt om de volledige advertentie te zien links onderaan op de foto in een blauw kadertje “Proximus” vermeldt en rechts onder de foto in het grijs “Gesponsord” en dat de volledige advertentie “Aangeboden door Proximus” en “Gesponsorde inhoud” vermeldt.

Zij is van mening dat de advertenties aldus voor de gemiddelde consument aan de hand van visuele en inhoudelijke kenmerken en labels duidelijk maken dat het gaat om commerciële communicatie en niet om een redactionele bijdrage.

De Jury is derhalve van oordeel dat de commerciële communicatie in kwestie onmiddellijk duidelijk als zodanig herkenbaar is in de zin van artikel 7 van de Code van de Internationale Kamer van Koophandel (ICC-Code), zoals verder uitgewerkt in de Code over herkenbaarheid van native advertising en aanverwante commerciële communicatie.

Wat het beweerdelijk misleidende karakter van de advertentie betreft, houdt de Jury er vooreerst aan om te benadrukken dat zij zich beperkt tot het onderzoek van de reclame, zonder zich te buigen over het debat met betrekking tot 5G als dusdanig, dat niet tot haar bevoegdheid behoort.

Zij is hierbij aansluitend tevens van mening dat de beide versies van de titel van de advertentie niet stellen dat het zou gaan om de opinie van alle experten en dat ook voor het overige voldoende duidelijk blijkt dat sprake is van de weergave van de mening van een bepaalde expert binnen het raam van een commerciële communicatie afkomstig van Proximus.

De Jury is derhalve van oordeel dat de reclame in kwestie niet van aard is om de gemiddelde consument dienaangaande te misleiden.

Bij gebreke aan inbreuken op wettelijke of zelfdisciplinaire bepalingen, heeft de Jury derhalve gemeend geen opmerkingen te moeten formuleren op deze punten.

Gevolg

Aangezien geen hoger beroep werd ingesteld, werd dit dossier afgesloten.