PROCTER & GAMBLE - 24/09/2019

Adverteerder: 
PROCTER & GAMBLE
Product/Dienst: 
Omnibionta3
Media: 
TV
Onderzoekscriteria: 
Sociale verantwoordelijkheid
Initiatief: 
Consument
Categorie: 
Voedingsmiddelen
Type beslissing: 
Geen opmerkingen
Datum afsluiting: 
dinsdag, 24 september 2019
Beschrijving van de reclame

De spot toont een man die zijn hond uitlaat. Deze trekt zo hard aan zijn leiband dat de man op zijn rug achter hem aan wordt gesleept.
De voice-over stelt het gepromote product voor bij nood aan energie.
De spot toont vervolgens dezelfde man in een sportoutfit die een squat doet en al lopend vertrekt. Men ziet vervolgens dat de hond aan de leiband wordt voortgesleept achter hem.

Motivering van de klacht(en)

De klager vindt dat er dierenmishandeling getoond wordt in deze reclamespot.

Standpunt van de adverteerder

De Jury heeft deze reclame onderzocht op basis van de artikels 4 en 6 van haar reglement (zie www.jep.be, rubriek “Extra info – Juryreglement”) die voorzien dat in geval van onontvankelijkheid, manifeste inbreuken of manifest gebrek aan inbreuken, de adverteerder niet wordt uitgenodigd zijn standpunt over te maken.

Jurybeslissing

De Jury heeft vastgesteld dat de Tv-spot een irrealistische situatie ensceneert waar een hond en zijn baas om beurt door de andere voortgesleept worden.

De Jury is van mening dat deze spot niet letterlijk te nemen is, maar duidelijk een overdreven tafereel weergeeft waarbij het humoristische gebruik van overdrijving eveneens duidelijk naar voren komt. De gebruikte beelden roepen volgens de Jury geen wreedheid of ander onbehoorlijk gedrag ten aanzien van dieren op, maar beogen slechts op humoristische wijze een energieboost te illustreren.

Gelet op de karikaturale aard van de spot in kwestie, is de Jury van oordeel dat zijn inhoud niet van aard is om choquerend over te komen voor de gemiddelde consument en evenmin getuigt van een gebrek aan een behoorlijk maatschappelijk verantwoordelijkheidsbesef op dit punt.

Bij gebreke aan inbreuken op wettelijke of zelfdisciplinaire bepalingen, heeft de Jury derhalve gemeend geen opmerkingen te moeten formuleren op dit punt.

Gevolg

Aangezien geen hoger beroep werd ingesteld, werd dit dossier afgesloten.