PEARLE - 14/11/2019

Adverteerder: 
PEARLE
Product/Dienst: 
Brillen
Media: 
TV
Onderzoekscriteria: 
Sociale verantwoordelijkheid
Afbeelding van de mens/ menselijke waardigheid
Initiatief: 
Consument
Categorie: 
Andere goederen en diensten
Type beslissing: 
Geen opmerkingen
Datum afsluiting: 
donderdag, 14 november 2019
Beschrijving van de reclame

De Franstalige tv-spot van 10 seconden begint met de voorstelling van een commercieel aanbod en eindigt met de voice-over “Alors va chez Pearle, tiens!” en het beeld van een zwarte vrouw met bril en achter haar een paard.

Motivering van de klacht(en)

De klager deelde mee dat aan het einde van de spot een dame van Afrikaanse origine verschijnt voor een paardenhoofd en dat de dame met een brede lach een gelach uitstoot dat in feite een gehinnik van een paard is. Buiten het feit dat het paard naast de kwestie is, vormt het associëren van een persoon van Afrikaanse origine met een dierlijke kreet volgens hem een gebrek aan respect en een banalisering van de racistische gedragingen die men bijvoorbeeld in de sportwereld tegenkomt.

Standpunt van de adverteerder

Volgens de adverteerder mag het voor iedereen duidelijk zijn dat het hinnikende geluid dat op dit beeld te horen is, niet afkomstig is van de persoon op de voorgrond, maar wel degelijk van het paard op de achtergrond. Het geluid komt van de voice-over “Alors va chez Pearle, tiens!”, van de muziek, en in de spot waarop de klacht betrekking heeft, is ervoor gekozen een gehinnik toe te voegen voor het paard dat tegelijk in beeld is. Het lijkt hem de evidentie zelf voor elke kijker dat een paard hinnikt, niet een mens.

Jurybeslissing

De Jury heeft kennisgenomen van de tv-spot in kwestie en van de klacht die daarop betrekking heeft.

Zij heeft vastgesteld dat men aan het einde van de spot een lachende zwarte vrouw met bril ziet en achter haar een paard waarvan men het gehinnik hoort.

Volgens de Jury is er geen reden om aan te nemen dat een associatie tussen de vrouw en het paard, die een bepaalde boodschap zou overbrengen, wordt gesuggereerd.

In dit verband is zij van mening dat de gemiddelde consument de reclame niet zal opvatten in de betekenis die de klager daaraan geeft.

Zij is eveneens van mening dat de spot geen element bevat dat van aard is om racisme op te roepen en a fortiori dat deze geen illegaal of antisociaal gedrag tolereert of banaliseert.

De Jury is derhalve van oordeel dat de reclame in kwestie niet van aard is om een bepaalde groep personen te kleineren of om de menselijke waardigheid aan te tasten.

Bij gebreke aan inbreuken op wettelijke of zelfdisciplinaire bepalingen, heeft de Jury derhalve gemeend geen opmerkingen te moeten formuleren op deze punten.

Gevolg

Aangezien geen hoger beroep werd ingesteld, werd dit dossier afgesloten.