NATIONALE LOTERIJ - 10/01/2018

Adverteerder: 
NATIONALE LOTERIJ
Product/Dienst: 
Lotto
Media: 
Radio
Onderzoekscriteria: 
Sociale verantwoordelijkheid
Afbeelding van de mens/ menselijke waardigheid
Initiatief: 
Consument
Categorie: 
Andere goederen en diensten
Type beslissing: 
Beslissing tot wijziging of stopzetting
Datum afsluiting: 
woensdag, 10 januari 2018
Beschrijving van de reclame

De radiospot gaat als volgt:
Man: “Wat dat ik dees jaar ga doen voor Music for Life? Awel, mijn blote tettencarwash van vorig jaar was zo’n groot succes dat ik er dees jaar ook nog eens een blote tettenvloermatstofzuigactie ga bijdoen. En ik ga ook van die geurbomekes voor in de auto verkopen.”
Vrouw: “Ah, da’s properder.”
Man: “Met blote tetten op.”
Vrouw: “Is er ook nog iets zonder blote tetten?”
Man: “Ja, iets met ballen. Lotto spelen.”
Vrouw: “Dan zijde gij het goei doel zeker?”
Man: “Da’s zeker.”
VO: “Dankzij al haar spelers kan Lotto dit jaar opnieuw Music for Life steunen. We wensen iedereen feestige geluksdagen. Lotto, omdat het kan.”

Motivering van de klacht(en)

De klaagster haalt aan dat Vlaanderen en een deel van de wereld in rep en roer staan in verband met grensoverschrijdend gedrag. Zij vindt deze spot over 'de carwash met blote tetten', 'matjes stofzuigen met blote tetten', 'omdat het kan' zeer ongepast op de nationale radio waar zowel kleine kinderen als oudere mensen naar luisteren. Ze vraagt zich af of dit nu de standaard is volgens dewelke we onze zonen en dochters moeten opvoeden en of jonge meisjes moeten leren dat dit normaal en aanvaardbaar is, want kleine kinderen kennen de grens tussen gepast en ongepast nog niet. Aldus zijn we volgens haar weer helemaal terug bij af wat de gelijkheid tussen man en vrouw betreft.

Standpunt van de adverteerder

De adverteerder deelde mee dat de betreffende radiospot ter communicatie van de steun van zijn spelers aan de Music For Life eindejaarscampagne gedurende één week werd ingezet (uitsluitend) op de Vlaamse radiozender Studio Brussel, een zender waarvoor uit officiële cijfers blijkt dat 90% van de luisteraars meerderjarig is. Deze spot is het vervolg op een eerdere spot die hij in 2016 ingezet heeft – met hetzelfde fictieve karakter – ter ondersteuning van de Music For Life campagne van destijds.

Zijn intentie bij de creatie van de spot was uitsluitend om met humor de desbetreffende specifieke Studio Brussel doelgroep te bereiken door middel van de inhoudelijke verwijzing naar de spot van 2016 én een humoristische knipoog – door middel van overdrijving door het gebruik van een karikaturaal typetje – naar allerlei ludieke acties die ondernomen worden om Music For Life te ondersteunen.

Hij is zich er bij nader inzicht echter van bewust dat deze spot gevoelig kan liggen bij het grote publiek. Dit ook en vooral in de huidige maatschappelijke context rondom het desbetreffende thema.

Ook al gaat het om een communicatie die in tijd en doelgroep beperkt was, de adverteerder is zich ervan bewust dat hij hieromtrent voorzichtiger had kunnen zijn en dat het verbinden van humor aan dit thema beter vermeden had kunnen worden. Hij engageerde zich er tevens toe om deze spot in dit toekomst niet meer te zullen gebruiken en dit op te zullen nemen met zijn communicatiepartners.

Jurybeslissing

De Jury heeft kennisgenomen van de radiospot in kwestie en van de klacht die daarop betrekking heeft.

Zij heeft met name vastgesteld dat de spot een conversatie tussen een man en een vrouw weergeeft, waarbij de man onder meer verwijst naar een “blote tettencarwash”, een “blote tettenvloermatstofzuigactie” en “geurboompjes voor in de auto (…) met blote tetten op” en heeft er ingevolge het antwoord van de adverteerder nota van genomen dat de spot aldus beoogde op humoristische wijze voort te bouwen op een eerdere spot van eind 2016 waarin hetzelfde karikaturale typetje eveneens onder meer naar een “blote tettencarwash” ten voordele van Music for Life verwees.

De Jury is echter van mening dat de spot waarop de klacht betrekking heeft op een overbodige manier de nadruk legt op activiteiten en producten rond vrouwenborsten en aldus een stereotiepe voorstelling uitdraagt waar vrouwen, uitsluitend belichaamd door hun boezem, door de man herleid worden tot dit deelaspect van hun fysieke verschijning.

De Jury is eveneens van mening dat het loutere humoristisch bedoeld zijn van deze commerciële communicatie in casu niet van aard is om hier afbreuk aan te doen.

De Jury is derhalve van oordeel dat de reclame de vrouw instrumentaliseert en haar waardigheid aantast.

Zij is tevens van oordeel dat de reclame aldus stereotypes inzake vrouwen en man-vrouw-verhoudingen bestendigt die indruisen tegen de maatschappelijke evolutie en denigrerend zijn zowel voor vrouwen als voor mannen.

Gelet op het voorgaande en op basis van punten 3 en 4 van de JEP Regels inzake de afbeelding van de mens en artikel 12 van de Code van de Internationale Kamer van Koophandel, heeft de Jury de adverteerder derhalve verzocht om de reclame te wijzigen, en bij gebreke daaraan de reclame niet meer te verspreiden.

Gevolg

In dit verband heeft de Jury er nota van genomen dat de adverteerder reeds meegedeeld heeft dat hij, mede gelet op de huidige maatschappelijke context, de spot in kwestie niet meer zal gebruiken.