NATIONALE LOTERIJ - 07/04/2004

Adverteerder: 
NATIONALE LOTERIJ
Product/Dienst: 
Krasbiljetten
Media: 
TV
Onderzoekscriteria: 
Fatsoen en goede smaak
Initiatief: 
Consument
Categorie: 
Andere goederen en diensten
Type beslissing: 
Geen opmerkingen
Datum afsluiting: 
woensdag, 7 april 2004
Beschrijving van de reclame

Een tv-spot toont een angstige vrouw in badjas die naar een badkamer vlucht omdat ze achtervolgd wordt door een struise man met een bijl. Op het ogenblik dat hij de deur bewerkt met zijn bijl, opent de vrouw de lade van een kastje waarin zich allerlei voorwerpen bevinden, waaronder een groot mes en een krasbiljet. Ze begint te krassen en haar angst slaat om in vreugde. Ze kust zelfs haar belager die inmiddels zijn hoofd door de opening van de deur steekt die hij aangebracht heeft met zijn bijl. Vervolgens worden verschillende krasbiljetten van de Nationale Loterij in beeld gebracht. Mannenstem en tekst : « Les jeux à gratter de la Loterie Nationale. Une solide couche de suspense ».

Motivering van de klacht(en)

Deze reclame is ergerlijk en miserabel en geeft een verkeerde boodschap aan onze jeugd.

Standpunt van de adverteerder

De adverteerder liet gelden dat het vertrekpunt van de campagne erin bestaat aan te tonen dat het plezier van een krasspel van de Nationale Loterij en de spanning die ermee gepaard gaat intenser is dan andere momenten van grote spanning. Deze spot werd ontworpen als een parodie op een griezelfilm en op het einde van deze spot, vergeet de vrouw haar angst doordat ze wint met het krasspel en springt ze rond de nek van haar belager, hetgeen ieder idee rond geweld van tafel veegt. Hij benadrukte dat hij het betreurt dat de klaagster de humor ervan niet heeft ingezien en dit letterlijk opgevat heeft, daar hij helemaal niet de bedoeling had om te choqueren.

Jurybeslissing

De Jury heeft vastgesteld dat het evident is dat het om een parodie op een griezelfilm gaat. Zij heeft gemeend dat binnen deze duidelijk karikaturale context, deze spot niet aanzet tot geweld of geweld banaliseert en evenmin van aard is om een verkeerde boodschap te brengen aan het publiek. Bij gebreke aan inbreuken op wettelijke of zelfdisciplinaire bepalingen, heeft zij derhalve gemeend geen opmerkingen te moeten formuleren.