L'OREAL - 16/06/2017

Adverteerder: 
L'OREAL
Product/Dienst: 
Lippenstift
Media: 
Affiche
Onderzoekscriteria: 
Afbeelding van de mens/ menselijke waardigheid
Initiatief: 
Consument
Categorie: 
Cosmetica
Type beslissing: 
Geen opmerkingen
Datum afsluiting: 
vrijdag, 16 juni 2017
Beschrijving van de reclame

De affiche met de tekst “Matte Addiction by Color Riche” toont een opgemaakte vrouw met ernaast het product in kwestie. Daaronder: “Barbara Palvin porte/draagt Blush In a Rush 103” en “L’Oréal Paris”.

Motivering van de klacht(en)

Volgens de klager brengt de reclame een verleidelijke vrouw in beeld, licht gekleed en die gedrogeerd lijkt te zijn. Deze reclame creëert volgens hem een amalgaam tussen het dragen van lippenstift en een provocerende, uitdagende houding met seksuele connotatie. De term “addiction” drijft dit nog verder door een verslavend karakter (aan seks of aan drugs) in verband te brengen met het beeld. De reclame vermengt volgens hem de codes van de prostitutie om lippenstift te verkopen.

Standpunt van de adverteerder

De adverteerder benadrukte de totale afwezigheid van de door de klager opgeworpen elementen, wiens klacht volgens hem getuigt van een kenmerkende en manifeste misvorming van de reclameboodschap. Wat betreft de termen “Matte Addiction” (en niet “Addiction”) dient men een zeer specifieke (en dus geenszins representatieve) redenering te volgen om hierin enige allusie op seks of drugs te zien. De boodschap maakt hier nergens allusie op. Volgens de adverteerder toont de door de klager gemaakte assimilatie tussen vrouw-seks-drugs-prostitutie duidelijk het uiterst abusieve karakter van zijn klacht aan, waaruit tevens zijn zeer persoonlijke visie op de vrouw blijkt.

Jurybeslissing

De Jury heeft vastgesteld dat de affiche met de tekst “Matte Addiction by Color Riche” een opgemaakte vrouw toont met ernaast het product in kwestie.

Volgens de Jury geeft de houding van de vrouw een sensuele en geen seksuele connotatie weer en volgt de reclame de codes die gewoonlijk gebruikt worden in de wereld van de cosmetica.

De Jury is eveneens van mening dat de gemiddelde consument de voorstelling van de vrouw niet zal opvatten als een uitbeelding van een gedrogeerde vrouw of een prostituée en evenmin de tekst van de reclame zal opvatten als een verwijzing naar drugs of seks en dus nog minder naar verslaving hieraan.

De Jury is van oordeel dat deze affiche geen elementen bevat die indruisen tegen de geldende fatsoensnormen en dat zij niet van aard is om de waardigheid van de vrouw aan te tasten.

Gelet op het voorgaande, is de Jury van oordeel dat de reclame niet in strijd is met de JEP Regels inzake de afbeelding van de mens en evenmin getuigt van een gebrek aan een behoorlijk maatschappelijk verantwoordelijkheidsbesef in hoofde van de adverteerder.

Bij gebreke aan inbreuken op wettelijke of zelfdisciplinaire bepalingen, heeft de Jury gemeend geen opmerkingen te moeten formuleren op deze punten.

Gevolg

Aangezien geen hoger beroep werd ingesteld, werd dit dossier afgesloten.