GROUPE BRANDT - 20/06/2001

Adverteerder: 
GROUPE BRANDT
Product/Dienst: 
Wasmachine
Media: 
TV
Onderzoekscriteria: 
Sociale verantwoordelijkheid
Fatsoen en goede smaak
Afbeelding van de mens/ menselijke waardigheid
Initiatief: 
Consument
Categorie: 
Electrische toestellen/TV/Radio
Type beslissing: 
Beslissing tot wijziging of stopzetting
Datum afsluiting: 
woensdag, 20 juni 2001
Beschrijving van de reclame

Een TV-spot toont een moeder die met het skateboard van haar zoon het glas inslaat van de trommel van de wasmachine. Het water loopt eruit en zij laat zich vallen op de natte vloer. Gealarmeerd door het lawaai komen vader en zoon aangelopen. De moeder maakt allusie op het skateboard als zijnde de oorzaak van haar val terwijl de vader haar recht helpt. Vervolgens maakt hij zich kwaad op zijn zoon. Daarna verschijnt in opdruk : “She wants a Brandt”.

Motivering van de klacht(en)

De reclame wordt beschouwd als choquerend daar zij ingaat tegen de vaste waarden. Men geeft aan jonge kinderen een negatief beeld van een moeder. De toon is agressief en er heerst een onaangename sfeer.

Standpunt van de adverteerder

De adverteerder laat gelden dat deze spot deel uitmaakt van een reeks van humoristische spots waarvan het schouwspel voldoende afwijkt van de realiteit en dat volgens de pre-tests de jongeren en ouderen de onwaarschijnlijkheid en de grappige kant van deze situatie begrijpen. De ontwerper heeft een komische spot willen realiseren door een beroep te doen op humor in de 2e graad, zonder de bedoeling te hebben om een anti-educatieve houding naar voor te brengen.

Jurybeslissing

De Jury was van oordeel dat ongeacht de doelstelling van de campagne en niettegenstaande het onwaarschijnlijk karakter en irrealistische komedie in de 2de graad, de agressieve gedraging samen met de kwade trouw en het bedrog in aanwezigheid en ten nadele van het kind de reclameboodschap besmeuren waardoor deze in strijd is met artikels 1 (sociale verantwoordelijkheid) en 4 (geweld) van de IKK code, art. 27, 3° van het decreet over de audiovisuele sector en art. 4, 3° van de code voor reclame-ethiek van de CSA. De komedie en de humor in 2de graad laten niet toe om de principes zoals bepaald in deze bepalingen naast zich neer te leggen.

Gevolg

De adverteerder liet weten dat hij de mening van de Jury niet deelt, maar dat hij niettegenstaande de spot niet meer zal verspreiden.