FEDERATION WALLONIE-BRUXELLES - COCOF - REGION WALLONNE - 09/12/2016

Adverteerder: 
FEDERATION WALLONIE-BRUXELLES - COCOF - REGION WALLONNE
Product/Dienst: 
Sensibiliseringscampagne tegen huiselijk geweld
Media: 
TV
Radio
Onderzoekscriteria: 
Sociale verantwoordelijkheid
Afbeelding van de mens/ menselijke waardigheid
Initiatief: 
Consument
Categorie: 
Andere goederen en diensten
Type beslissing: 
Geen opmerkingen
Datum afsluiting: 
vrijdag, 9 december 2016
Beschrijving van de reclame

De Tv-spot toont een vrouw aan een bureau die in een dagboek schrijft. We zien vervolgens de volgende woorden verschijnen in het dagboek:

« j’ai peur »
« PEUR PEUR PEUR PEUR »
« de ce qu’il va me faire »
« quoi que je fasse »
« MAL FAIT »
« Tous les jours Tous les jours Tous les jours Tous les jours »
« HONTE »
« Je vais accepter d’être comme il veut que je sois. Renoncer à être moi. Tous les jours, j’ai honte. Tous les jours, je me demande si je dois changer. »
« Aujourd’hui, c’est différent. »
« Aujourd’hui, j’ai décidé d’en PARLER. »
Tekst op het scherm:
« Rien ne justifie la violence conjugale. Appelez gratuitement 0800 30 030. Ligne écoute violences conjugales. www.journaldemarie.be ».
Daaronder de logo’s van de Fédération Wallonie-Bruxelles, Wallonië et de COCOF.

En we horen:
Vrouw: « Tous les jours je me réveille, je le regarde et j’ai peur, peur de ce qu’il va me faire. Quoi que je fasse, j’aurai mal fait. Tous les jours, j’ai honte. Tous les jours, je me demande si je dois changer. Aujourd’hui, c’est différent. Aujourd’hui, j’ai décidé d’en parler. »
VO: « Rien ne justifie la violence conjugale. 0800 30 030. Vous n’êtes pas seule, parlez-en. Une initiative de la Fédération Wallonie-Bruxelles, de la Wallonie et de la COCOF ».

Zeven gelijkaardige radiospots werden uitgezond waarvan een waarbij we het volgende horen:

Vrouwenstem: « Mon journal, lundi. Comme tous les jours, j’ai peur. Hier au resto, j’ai eu le tort de vouloir un dessert. Ça lui a pas plus et j’en ai pris pour mon grade. J’aurais voulu disparaître. Il va bientôt rentrer là et souvent, le lendemain, c’est encore pire. Je voudrais tellement être ailleurs. Oh, je l’entends qui arrive. Je sais plus quoi faire. »
VO: « Rien ne justifie la violence conjugale. 0800 30 030. Vous n’êtes pas seule, parlez-en. Une initiative de la Fédération Wallonie-Bruxelles, de la Wallonie et de la COCOF ».

Motivering van de klacht(en)

De klacht werd ingediend omwille van discriminatie en aanzetten tot haat. Volgens de klager toont de radiospot in kwestie duidelijk en zonder ambiguïteit aan dat de dader van de feiten een man is en het slachtoffer een vrouw. Het doel van dit soort van spots kan volgens hem enkel bereikt worden als er een symmetrie “man-vrouw” is in de mise-en-scène, met name dat zowel de man als de vrouw als slachtoffer of dader worden voorgesteld, en dit in dezelfde spot of in verschillende spots.
De klager betreurt het dat hij moet vaststellen dat er geen omgekeerde spot werd uitgezonden, wat in strijd is met de realiteit en het foute stereotype versterkt volgens hetwelk de man steeds de dader is van huiselijk geweld en de vrouw er steeds het slachtoffer van is.
Dit is dus volgens hem een aanzetting tot haat tegen mannen vanwege vrouwen. Dit is des te erger aangezien de campagne herhaaldelijk wordt verspreid via TV, affiches en andere media en afkomstig is van een officiële instantie en dus, omwille van deze reden, voor waar zal aangenomen worden door de luisteraars.

Standpunt van de adverteerder

De adverteerder, de Fédération Wallonie-Bruxelles in samenwerking met Wallonië en de COCOF, heeft het volgende meegedeeld met betrekking tot de sensibiliseringscampagne tegen huiselijk geweld onder de titel “Journal de Marie” die hij momenteel verspreidt.

1) Wat de beschuldiging van discriminatie betreft:

De notie van discriminatie houdt een ongunstige behandeling in van een persoon of van een groep van personen in vergelijking met anderen, in een vergelijkbare situatie. Een verschillende behandeling van twee categorieën van personen wordt beschouwd als discriminerend, behalve als er een “objectieve en redelijke rechtvaardiging” bestaat. Welnu, mannen en vrouwen bevinden zich, voor wat betreft geweld, niet in vergelijkbare situaties.

Zoals blijkt uit de beschikbare statistieken (met name van de verschillende politiezones en bij de parketten) en de studies die gevoerd werden over dit onderwerp op nationaal en Europees niveau (het Europese Bureau voor de grondrechten heeft in 2014 een enquête gerealiseerd in de 28 lidstaten van de EU, de studie “Ervaringen van vrouwen en mannen met psychologisch, fysiek en seksueel geweld” werd in 2010 besteld door het Instituut voor de Gelijkheid van Vrouwen en Mannen en is op heden de laatste studie in België), zijn vrouwen nog altijd de voornaamste slachtoffers van huiselijk geweld en mannen de daders ervan. Dit is met name duidelijk in de gevallen van seksueel en fysiek geweld. Geweldplegingen tegen mannen bestaan, maar blijven duidelijk minder frequent dan deze die vrouwen ondergaan.
Rekening houdend met het totaal van geweldplegingen waarvan vrouwen en mannen het slachtoffer zijn, zijn mannen meestal het slachtoffer van geweldplegingen door onbekenden en zijn vrouwen voornamelijk het slachtoffer van geweldplegingen door hun partner of ex-partner. Bij de vergelijking van de cijfers van het aantal vrouwen en mannen die het slachtoffer zijn van hun partner, blijkt dat vrouwen vaker het slachtoffer zijn dan mannen.

De adverteerder verwees vervolgens naar het engagement van de overheden in de strijd tegen geweld tegenover vrouwen en naar het feit dat, sinds 14 maart 2016, België het Verdrag van de Europese Raad inzake het voorkomen en bestrijden van geweld tegen vrouwen en huiselijk geweld, het zogenaamde Verdrag van Istanbul, heeft geratificeerd.
Om aan dit engagement te beantwoorden, heeft België een nationaal actieplan aangenomen om te strijden tegen alle vormen van geweld gebaseerd op gender, waar de Fédération Wallonie-Bruxelles, Wallonië en de COCOF aan verbonden zijn, waarvan de acties de realisatie van sensibiliseringscampagnes gericht op vrouwelijke slachtoffers omvatten.

2) Wat het aanzetten tot haat betreft:

Voor de beschuldiging van aanzetten tot haat, discriminatie of geweld dient de intentie om schade te berokkenen bewezen te worden.
De campagne “Journal de Marie” toont de dagelijkse realiteit van een vrouw die het slachtoffer is van huiselijk geweld vanwege haar partner.
Zoals hierboven aangetoond, komt deze situatie overeen met de meerderheid van de gevallen van geweld tussen partners.

De verspreiding van deze campagne door de FWB, Wallonië en de COCOF stemt overeen met de uitvoering van hun engagementen op lokaal, nationaal en Europees niveau en dus de uitvoering van hun wettelijke taken.
In het kader van hun bevoegdheden hebben, de FWB, Wallonië en de COCOF inderdaad als doel, door de uitzending van de campagne “Le Journal de Marie”, om de bevolking te informeren over het belang van de feiten van huiselijk geweld, om slachtoffers en daders van huiselijk geweld te sensibiliseren over de gevolgen hiervan en om de daders, slachtoffers, professionals en hun omgeving te informeren over het gratis telefoonnummer. Het is niet de bedoeling om hier het fenomeen van geweld in al zijn diversiteit te tonen, maar wel om een statistische realiteit weer te geven.

De adverteerder voegde eveneens toe dat de sensibiliseringscampagnes die gerealiseerd worden door de Raad van Europa en de overheden of gemandateerde verenigingen om te strijden tegen huiselijk geweld en geweld tussen partners die afkomstig zijn uit andere landen, vrouwen voorstellen als slachtoffers en mannen als daders.

3) Wat betreft de vragen van de klager:

Hoewel het klopt dat zowel mannen als vrouwen de daders kunnen zijn van geweld en dat het fout is om te beweren dat het altijd mannen zijn die de daders zijn, wat niet gebeurt in de campagne die hier aan de kaak gesteld wordt, is het eveneens fout om te zeggen dat vrouwen even vaak als mannen de daders zijn van geweld. Een campagne die een “perfecte symmetrie” tussen de situaties zou voorstellen en evenveel beelden zou tonen van mannelijke slachtoffers zou een ontkenning van de realiteit vormen, zoals die gestaafd wordt door statistieken en studies over dit onderwerp, en bijkomend geweld ten aanzien van vrouwelijke slachtoffers.

Aldus komt de adverteerder, rekening houdend met de uiteengezette motieven, tot de conclusie dat de klacht ongegrond is.

Jurybeslissing

De Jury heeft kennis genomen van de sensibiliseringscampagne tegen huiselijk geweld onder de titel “Journal de Marie”.

Ingevolge het antwoord van de adverteerder heeft de Jury eveneens kennis genomen van de informatie en cijfers met betrekking tot het geweld dat vrouwen en mannen ondergaan, afkomstig van statistieken uit verschillende politiezones en parketten, studies op nationaal en Europees niveau en een studie met als titel “Ervaringen van vrouwen en mannen met psychologisch, fysiek en seksueel geweld” besteld door het Instituut voor de Gelijkheid van Vrouwen en Mannen.

De Jury heeft eveneens genoteerd dat de adverteerder, op basis van de voormelde elementen, bevestigt dat een verschillende behandeling van twee categoriën van personen niet discriminerend is wanneer er een objectieve en redelijke rechtvaardiging bestaat en dat net voor wat betreft geweld mannen en vrouwen zich niet in vergelijkbare situaties bevinden.

De Jury heeft vervolgens vastgesteld dat de radiospots en de Tv-spot een vrouw tonen die, bij het schrijven in haar dagboek, het feit oproept dat ze het slachtoffer is van geweld vanwege haar partner.

De Jury is van mening dat de enscenering met fijngevoeligheid en sober gerealiseerd is en niet doet uitschijnen dat mannen altijd de daders zouden zijn van huiselijk geweld en dat ze er nooit het slachtoffer van zouden zijn.

De Jury is eveneens van mening dat het doel van de campagne duidelijk blijkt uit de audiovisuele spots en dat het grote publiek aldus zal begrijpen dat het doel van deze sensibiliseringscampagne wel degelijk is om de daders en de slachtoffers van huiselijk geweld te informeren over een gratis telefoonnummer en niet om de realiteit in zijn totaliteit te illustreren.

In dit opzicht heeft de Jury genoteerd dat deze sensibiliseringscampagne gerealiseerd werd door de Fédération Wallonie-Bruxelles, Wallonië en de COCOF in het kader van hun wettelijke missies en de uitwerking van hun engagementen op lokaal, nationaal en Europees niveau.

In deze context en rekening houdend met wat voorafgaat is de Jury van oordeel dat de betrokken campagne niet discrimerend is ten aanzien van mannen en geen stereotype bestendigt dat indruist tegen de evolutie van de maatschappij.

Zij is eveneens van oordeel dat deze campagne niet van aard is om aan te zetten tot haat ten opzichte van mannen.

Bij gebreke aan inbreuken op wettelijke of zelfdisciplinaire bepalingen, heeft de Jury gemeend geen opmerkingen te moeten formuleren op deze punten.

Gevolg

Aangezien geen hoger beroep werd ingesteld, werd dit dossier afgesloten.