DELA - 29/04/2019

Adverteerder: 
DELA
Product/Dienst: 
Uitvaartverzekering
Media: 
Radio
Onderzoekscriteria: 
Sociale verantwoordelijkheid
Initiatief: 
Consument
Categorie: 
Financiën en verzekeringen
Type beslissing: 
Geen opmerkingen
Datum afsluiting: 
maandag, 29 april 2019
Beschrijving van de reclame

De radiospot gaat als volgt:
VO: “Stel, je bent gestorven. ’t Is nogal snel gegaan. Iedereen zit al aan de koffietafel en al ben je gestorven, je leeft altijd voort in de herinnering van de anderen. Zorg er dus voor dat men straks met de glimlach aan je terugdenkt omdat je lief was, zorgzaam en misschien ook omdat je een uitvaartverzekering had. Dela, zo zorg je voor elkaar. Het Dela uitvaartzorgplan is een levensverzekering tak 21.”

Motivering van de klacht(en)

De klaagster vindt deze spot inhoudelijk beneden alle peil en agressief: “nabestaanden” hebben wel andere gevoeligheden dan deze reclame laat uitschijnen. De dood is voor haar geen taboe want zij werd er onlangs nog mee geconfronteerd, maar het is alleszins niet banaal en ook niet “om te lachen”. Dat de openbare omroep dit soort wansmakelijke grappen toelaat, wellicht ook omwille van commerciële doeleinden, vindt zij kwetsend.

Standpunt van de adverteerder

De adverteerder deelde mee dat de dood onlosmakelijk verbonden is met zijn organisatie, zijn aanbod en zijn boodschap. Hij is zich er heel erg van bewust dat de dood voor veel mensen gevoelig ligt en daarom wordt elke spot zeer diepgaand en uitvoerig getest voor hij op antenne gaat. Kwetsen of choqueren heeft immers geen enkele zin: men sluit zich dan af van de boodschap en daar heeft hij vanzelfsprekend geen enkel belang bij.
Hij houdt terdege rekening met de feedback van de respondenten en past aan waar nodig. De spot zoals die nu voorligt kreeg een overtuigende go van de ondervraagden. Zij vonden dat de boodschap goed overkwam - to the point, helder en duidelijk, zonder te kwetsen of choqueren.
De ervaring leert de adverteerder dat sommigen zich altijd zullen storen aan communicatie die op één of andere manier te maken heeft met de dood, maar vraagt zich af of het de spot als dusdanig is die choqueert of eerder de confrontatie met de eigen sterfelijkheid of die van een geliefde. Voor sommige mensen zal dan ook elke spot in deze context aanstootgevend zijn – dat is nu eenmaal eigen aan communicatie rond een taboe.
De adverteerder ziet ten slotte niet in waarom hij de zenderkeuze waarnaar de klaagster verwijst zou moeten vermijden of wat het verschil is met andere merken die op deze zender adverteren. Niettegenstaande zijn boodschap onlosmakelijk verbonden is met de dood, vindt hij dat hij zoals anderen het recht heeft om te adverteren op een gepaste manier, ook op de publieke omroep.

Jurybeslissing

De Jury heeft kennisgenomen van de radiospot in kwestie en van de klacht die daarop betrekking heeft.

Zij houdt er vooreerst aan te benadrukken dat haar bevoegdheid zich beperkt tot de inhoud van de reclame en dat zij zich niet uitspreekt over de aangeboden producten of diensten.

De Jury heeft vastgesteld dat de spot ter promotie van het uitvaartzorgplan van de adverteerder een man aan het woord laat die onder meer beschrijft hoe mensen aan de overledene zullen terugdenken en dat er dus een rechtstreeks verband is tussen de inhoud van de reclame en het gepromote product.

Hoewel zij erkent dat het onderwerp inderdaad gevoelig kan liggen voor sommige mensen, is de Jury van mening dat het in de spot in kwestie op een niet-choquerende manier en met voldoende kiesheid wordt behandeld, zodat geen sprake is van het banaliseren of in het belachelijke trekken van de dood.

De Jury is derhalve van oordeel dat de reclame geen afbreuk doet aan de menselijke waardigheid en evenmin misbruik maakt van ongeluk en lijden.

Bij gebreke aan inbreuken op wettelijke of zelfdisciplinaire bepalingen, heeft de Jury derhalve gemeend geen opmerkingen te moeten formuleren op deze punten.

Gevolg

Aangezien geen hoger beroep werd ingesteld, werd dit dossier afgesloten.