Candia - Beonweb 11-03-2020: Décision de modification/arrêt

Adverteerder / Annonceur: CANDIA – BEONWEB

Product-Dienst / Produit-Service: Candia – Baby.be

Media / Média: Internet (website)

 

Beschrijving van de reclame / Description de la publicité

De klacht verwees onder meer naar een artikel op de website baby.be, met als titel “Welke melk kiezen voor je kind?” en met onder meer de volgende tekst aan het einde van het artikel:
“Van 1 tot 3 jaar kan je kindje Candia groeimelk drinken.”.
Onder de titel, de volgende vermelding:
“Rédigé par Inge Boeren. Mis à jour le 10/02/2020”.

//////////

La plainte se réfère entre autres à un article sur le site baby.be, avec le titre “Welke melk kiezen voor je kind?” et avec entre autres le texte suivant à la fin de l’article :
“Van 1 tot 3 jaar kan je kindje Candia groeimelk drinken.”.
Sous le titre, la mention suivante :
“Rédigé par Inge Boeren. Mis à jour le 10/02/2020”.

Klacht(en) / Plainte(s)

De klaagster, op zoek naar objectieve informatie als jonge mama, verwees naar artikels gevonden op de website baby.be. Ze verwacht dat een dergelijke website de juiste informatie verstrekt, maar dat blijkt niet het geval te zijn volgens haar. Ze haalde aan dat verschillende artikels over groeimelk altijd naar 1 merk verwijzen: Candia, en dit lijkt haar misleidend. Volgens haar is dit pure reclame en geen informatie, zoals het wordt voorgesteld.

Beslissing Jury in eerste aanleg: Beslissing tot wijziging/stopzetting
Décision Jury de première instance: Décision de modification/arrêt

De Jury voor Ethische Praktijken inzake reclame (JEP) in eerste aanleg heeft de volgende beslissing genomen in dit dossier.

De Jury heeft er nota van genomen dat de klager onder andere verwijst naar een artikel verschenen op de betrokken website, dat een verwijzing bevat naar groeimelk van het merk Candia en dat volgens haar een reclame betreft en niet louter informatie.

De Jury heeft kennisgenomen van de reactie van het betrokken medium dat toelichtte dat het inhoud over groeimelken heeft opgesteld, die door Candia gevalideerd werd waarbij diens merk eraan verbonden werd, tegen betaling.

De Jury concludeert hieruit, samen met het medium, dat het dus wel degelijk gaat om een commerciële communicatie.

Zij heeft echter vastgesteld dat deze, op het ogenblik van de klacht, geen melding maakte van de voormelde commerciële samenwerking.

In dit verband verwijst de Jury naar artikel 7 van de Code van de Internationale Kamer van Koophandel (ICC-Code) op basis waarvan het commerciële karakter van een communicatie onmiddellijk duidelijk als zodanig herkenbaar moet zijn, ongeacht de vorm en het gebruikte medium.

Zij is van oordeel dat, op het ogenblik van de klacht, de gemiddelde consument de commerciële aard van de samenwerking niet duidelijk en onmiddellijk kon herkennen.

Gelet op het voorgaande en op basis van voormelde bepaling, heeft de Jury de betrokken partijen verzocht om ervoor te zorgen dat het commerciële karakter van de communicatie in kwestie onmiddellijk duidelijk is.

In dit verband heeft de Jury er nota van genomen dat het medium heeft meegedeeld dat het nodige gedaan werd en heeft zij vastgesteld dat, onder de titel van het artikel in kwestie, de vermelding “Rédigé par Inge Boeren in samenwerking met Candia” staat.

Gelieve er nota van te nemen dat deze beslissing pas definitief wordt na het verstrijken van de termijn voor het instellen van hoger beroep.

//////////

Le Jury d’Ethique Publicitaire (JEP) de première instance a pris la décision suivante dans ce dossier.

Le Jury a noté que le plaignant se réfère entre autres à un article paru sur le site internet concerné, qui contient une référence au lait de croissance de la marque Candia et qui constitue selon lui une publicité et non de la simple information.

Le Jury a pris connaissance de la réaction du média concerné qui a précisé qu’il a rédigé du contenu concernant les laits de croissance, que Candia a validé en y associant sa marque, contre paiement.

Le Jury en conclut, avec le média, qu’il s’agit donc bien d’une communication commerciale.

Il a cependant constaté que celle-ci, au moment de la plainte, n’indiquait pas la collaboration commerciale susmentionnée.

A cet égard, le Jury se réfère à l’article 7 du Code de la Chambre de Commerce Internationale (Code ICC) sur la base duquel le caractère commercial d'une communication doit être instantanément clairement identifiable en tant que tel, quelle que soit la forme et le support utilisés. 

Il a estimé que, au moment de la plainte, le consommateur moyen ne pouvait pas identifier clairement et instantanément la nature commerciale de la collaboration.

Compte tenu de ce qui précède et sur la base de la disposition susmentionnée, le Jury a demandé aux parties concernées de faire en sorte que le caractère commercial de la communication en question apparaisse instantanément.

A cet égard, le Jury a noté que le média a communiqué avoir fait le nécessaire et a constaté que, sous le titre de l’article en question, figure la mention « Rédigé par Inge Boeren in samenwerking met Candia ».

Veuillez noter que cette décision ne devient définitive qu’après l’expiration du délai d’appel.